A sèvere man, and me

Kon de met hel verstoorde grond, zo lichtblauw onder de gaten van de kapel op Maria’s kleed.

De geluiden in iedere bocht te herkennen als de zomer. Rond hoeveel lachende fonteinen zuchtte de grond?

Jonge meisjes’ vertier staat in het verlichte gelaat dat deinst in de zwaarte.

En dan loom het hoofd achterover werpen. De vingers laten vallen.

Reacties

Plaats een reactie